Onderzoek Journalistiek & Internet


Digitale Kanalen V: Interview Rimmelzwaan


Harold Rimmelzwaan, directeur van Wegener Multimedia:
"Journalisten moeten het anders durven doen"
Harold Rimmelzwaan leidt bij Wegener de Multimedia club, voorheen eMedia geheten. Hij leidt de exploitatie van de sites van de regionale kranten en de sites Jobtrack, Autotrack, Kleintjesmarkt.nl, Examen.nl, Weer.nl en Funda.nl met de makelaars (NVM). Rimmelzwaan wil in de aanval, met journalisten. Zijn jullie krantensites nu verlieslijdend of winstgevend?
Rimmelzwaan: "Als ik even niet de journalisten meetel - hoewel dat net als bij andere uitgeverijen maar kleine redacties zijn - dan draaien we daar inclusief de regionale omzet van sites als Jobtrack en Autotrack bij Wegener break-even mee."

Wat ligt er in het verlangde van de kranten om digitaal te doen
"We beschikken over een soort van Medialab binnen Wegener waar we redacteuren en eventueel anderen de mogelijkheden van de nieuwe media kunnen bij brengen en die demonstraties dat gaat vaak gepaard met discussies over de toepassing in hun praktijk."

Wat doen jullie behalve de sites van de regionale bladen met de centrale inlog, Jobtrack, Autotrack voor banen en autohandel, Funda, Kleintjesmarkt. Wat is er nog meer?
"We experimenteren met betaalde content. Ga je naar BN De Stem.nl dan moet je nu betalen voor het regionale nieuws. Dat is niet zo revolutionair, maar het is een eerste stap in een zoektocht om te komen tussen een goed evenwicht voor online uitgeven. Je wilt geen abonnees verliezen, je bereik op de sites vergroten en in het geheel de opbrengsten laten toenamen. Dat lukt naar mijn overtuiging allen maar als je in een goed afgestemde mix toegevoegde waarde weet te leveren. Je moet aanvullingen bieden die aansluiten op het papier. Dat is eenvoudige als het over need-to-know financiële informatie gaat van bijvoorbeeld The Wall Street Journal, maar een hele klus in de meer nice-to-know informatiemarkt waarin Wegener zich met de regionale bladen toch voornamelijk begeeft." "Als je kijkt wat je extra zou kunnen doen op de site dan kun je bijvoorbeeld de belegering van het Laakkwartier in Den Haag als voorbeeld nemen voor op de eerste plaats de redactie van de Haagsche Courant. Die sloot de krant om 12.00 uur, terwijl de verwikkelingen nog volop doorgingen en er grote behoefte was aan extra nieuwsvoorziening. Wat doe je dan? Ik denk dat je heel kunt en moet doen. Het ligt wellicht in de aard om dat om alles op de krant in te zetten, en dat is goed, maar juist op zo'n moment houdt het niet op met het zakken van de krant. Je kan bijvoorbeeld veel van je foto's online gaan zetten waarvoor in de krant toch geen plaats is.

Waarom doet de Haagsche Courant op dat moment niets met video en geluid, dat is toch tegenwoordig eenvoudig te hanteren?
"Dan moet je gaan nadenken over interactieve dingen, waarbij mensen ook nieuwsgierig gemaakt worden naar de krant omdat daar het hele overzicht in staat met leuke toevoegingen."

Vormen van samenwerking?
"We kijken nu samen met het ANP naar mogelijkheden om je platformrol in de regio en lokaal beter te vervullen. Dat kan bijvoorbeeld, met sport, door bij een wedstrijd van FC Utrecht de liefhebbers de gelegenheid te geven om een digitale persconferentie bij te wonen en eventueel vragen te stellen. ANP heeft voor persconferenties de technologie in huis, maar die is op meer manieren inzetbaar, ook met het gewone publiek op internet. Dat is een hele verbetering ten opzichte van de traditionele chatsessies in het verleden met beroemdheden, vaak bij grote providers, die niet als een groot succes de internetgeschiedenis zijn ingegaan. Zoiets zou je ook met burgemeesters kunnen doen of andere personen die dan in het nieuws zijn. Dat is niet eenvoudig te organiseren. Bij redacties loop je toch een beetje vast, die lopen er niet een-twee-drie warm voor, uitzonderingen daargelaten."

Hoe komt het dat journalisten vaak niet voorop willen lopen als het gaat om nieuwe toepassingen in hun vak?
"Het belangrijkste is vooral onbekendheid. Journalisten weten niet wat er te koop is en experimenteren er niet mee. En waar ze niet aan gewend zijn passen ze niet zo snel toe in de openbaarheid. Een daarmee samenhangend probleem is dat van de gemiddelde leeftijd van krantenredacties. Er ligt een generatiekloof. Ik vraag me ook af of er in de opleidingen wel voldoende breed en diep op de nieuwe mogelijkheden wordt ingegaan."

Maar dan is er toch een hoofdredactie die wat, eventueel zachte, drang kan uitoefenen?
"Het is ook geen kwestie van op een goede dag mensen die spullen in hadden duwen om ze te verplichten ermee te werken. Maar je ziet dat de dagbladen zich een beetje in het verdomhoekje voelen zitten. Dat is natuurlijk niet reëel. Als er ÚÚn medium is dat een enorm bereik heeft en vertrouwen geniet van de doelgroep dan is het wel het dagblad."

Er staat wel druk op...
"Natuurlijk, conjunctureel staat het onder druk en er is weinig extra budget om te innoveren. Maar ik vind ook dat er van de journalisten zelf, en ook van de NVJ, te weinig initiatief uitgaat voor vernieuwing. Je moet die keuzes durven maken."

Dat wil men wel, extra formatieplaatsen...
"Ja, daar begint het vaak mee: dan moeten er extra mensen bij. Dat is een Pavlov-reactie. Je moet kijken of je alles in de krant zoals je die vandaag maakt morgen nog wel wilt en moet doen. Je kunt de binding met de krant, en breder met de titel, dus ook de internetsite, vergroten."

Minder met de krant doen betekent minder waarde voor het geld voor de lezer. Pikt die dat? En kun je er online inkomsten voor terugkrijgen als ze met papier afkalven? Dus de site vooral voor abonnees openen?
"Nee, ik denk dat je af moet van het idee dat alle content maar betaald moet zijn met abonnee-inkomsten. Spits en Metro zijn ook gratis. Waarom zou je niet van internet een zeer populair mediumtype maken waardoor je de kosten grotendeels kunt dragen uit advertenties. Je ziet toch momenteel mogelijkheden ontstaan die veel verder reiken dan de traditionele banners en veel aandacht trekken en beklijven. Daar moet je toch ook geld mee kunnen verdienen."

Maar hoe ligt dan commercieel de verhouding met die altijd nog betaalde krant?
"Op de eerste plaats zijn het onvergelijkbare media. De krant koop je op een moment of mensen zijn iedere dag blij op het moment dat de krant op de mat valt. Je kunt even lekker het krantje lezen bij het ontbijt of op de bank. Daar betalen ze ook voor. Op de site komen veel meer de bezoekers die even snel, wanneer het hen schikt, het nieuws willen bekijken en direct wat leuks meepakken. Daar kun je dan niet direct geld voor vragen maar dat is wel interessant voor de adverteerder."

Kun je met behulp van internet fijnmaziger in de regio gaan werken, bijvoorbeeld voor een aantal dorpen samen of puur ÚÚn stad, misschien met een weblog?
"Ja, zeker, je zou als regionale krant veel meer gebruik moeten kunnen maken van je functie als platform voor je regionale publiek. De binding kan toenemen met internactie en bekende gezichten. Ook mensen in de regio kunnen die site helpen vullen met journalistieke onderwerpen. We zijn natuurlijk traditioneel nogal gericht op de man in het pak; het moet een journalist zijn die publiceert. Maar waarom zou je die conventie niet doorbreken? Er zijn wel mensen in de regio die een goed verhaal kunt schrijven en wat te vertellen hebben."

En journalisten die dan de regiefunctie vervullen?
"Zeker, journalisten kunnen veel meer doen in de veredeling. Ook vinden redacties nu dat er persÚ een eigen fotograaf heen moet. Maar als je aan die voorwaarden zondermeer blijft vasthouden dan kun je niet zo eenvoudig uitbereiden en nieuwe dingen ondernemen. Journalisten hebben de creativiteit om zaken te initiëren, discussie te ontlokken en die ook in goede banen te leiden. Echt een regiefunctie over nieuwe stromen van informatie die rond de titel ontstaan. Nu ga ik op de stoel van redacties zitten, maar het zijn suggesties waarover je kunt praten. Internet is een fantastische medium om die platformrol te vervullen. Waarom zou je niet op je site reacties verzamelen en die ook in de krant linea recta op een hele pagina publiceren? Daar moet je mensen op de redactie hebben die daar in geloven en die daar dan een andere pagina voor op durven geven. Dat een hoofdredacteur zegt: dan maar een pagina binnenland minder of niet het zoveelste interview."

Leidt dit uiteindelijk tot minder of meer werkgelegenheid voor journalisten?
"Eigenlijk moet dat niet de belangrijkste vraag zijn. De vraag is veel meer of je je titel en merk kunt continueren door die sterker te maken. Meer werkgelegenheid kan daar dan een gevolg van zijn, maar dat als uitgangspunt nemen vind ik raar. Daar wordt uiteindelijk niemand beter van. Je moet meer en betere dingen gaan doen. Elke sector staat onder druk en gezond blijven en overleven kan soms allen met minder werkgelegenheid."