Onderzoek Journalistiek & Internet
Interactie
"Afdalen in de modder." Internetjournalistiek zou voorzichtig tweerichtingsverkeer moeten zijn. Maar met name de traditionele media weten geen raad met de mogelijkheden van werkelijke internetinteractie; ironisch genoeg juist datgene waar het internet zo om geroemd wordt. Internetforums van nieuwssites worden slecht gebruikt of zelfs gesloten bij gebrek aan aandacht of kwaliteit. Redacties en uitgevers zijn daarvoor zelf verantwoordelijk. Zij laten gouden kansen liggen door de weigering zich in het leven van de lezer/bezoeker te verdiepen. Geen wonder dat die vervolgens niet meewerkt. Als men de journalist vraagt wat de verworvenheden van het internet zijn voor het journalistieke proces, dan zal het toverwoord 'interactie' zeker tot de antwoorden behoren. Nu bestaan er vele soorten van interactie, maar de inhoudelijke bemoeienis van de lezer/bezoeker met de inhoud van de site wordt als de meest wezenlijke en boeiende gezien; werkelijke bezoekersparticipatie. In de studie 'Journalists in the Netherlands' van Deuze (2001) wordt duidelijk dat online journalisten het zelfs als een belangrijke taak zien het publiek een stem te bieden.
Journalistiek is een vak
Tijdens de interneteuforie van enkele jaren geleden dacht men zelfs dat het tweerichtingsverkeer nog veel verder ging: journalisten waren feitelijk niet meer nodig. "Je bent je eigen uitgever en daardoor niet meer afhankelijk van de bestaande media. Je kunt je eigen blad of je eigen protestbeweging beginnen", zei één van de oprichters van XS4all, Felipe Rodriquez in 1997. Het is een treffende samenvatting van de sfeer in die tijd. Radicaal interactieve journalistieke sites als Plastic.com waren het product van 'de revolutie'. Maar ook particuliere homepages zouden een omwenteling gaan betekenen in het informatieaanbod. Uitzonderingen daargelaten, de internetter bleek verkeerd ingeschat. Tegenvallende journalistieke kwaliteit en matige bezoekersaantallen nekten het idee. De gehechtheid aan een bekend journalistiek merk, de luiheid en redactionele onervarenheid van de internetter waren groter dan verwacht. Journalistiek bleek een vak te zijn.
Op een meer bescheiden niveau lijkt bezoekersparticipatie wel degelijk aan te slaan. Op het Nederlandse net krioelt het van de drukbezochte nieuwsgroepen, forums en chatboxen. Slechts een zeer klein gedeelte van de uitwisselingsplatforms bezit enige journalistieke relevantie. Meestal is die pretentie ook afwezig (dat geldt met name voor de chatboxen), en maken internetters slechts een onschuldig babbeltje in een virtueel buurthuis.
Interactiviteit van nieuwssites marginaal
Interessant en problematisch wordt het pas als bezoekersparticipatie een rol in het journalistieke proces wordt toegedicht. En dat wordt volop geprobeerd. Op nieuwssites kom je e-mailadressen en enquêtes tegen en Trouw experimenteerde zelfs kortstondig met een live redactiechat in geluid. Maar de internetjournalistieke oervorm van interactie is het discussieforum. Bezoekers kunnen hun mening over een actuele gebeurtenis of nieuwsitem achterlaten op de site, anderen kunnen ook daar vervolgens op reageren zodat een discussie ontstaat. Dat lijkt gemakkelijk, maar dat is het niet. Een klein surftochtje naar de belangrijkste nieuwssites in Nederland laat zien hoe de journalistiek worstelt met zo'n relatief eenvoudig concept. Bij Planet Internet en het NRC moet je de discussies even zoeken, maar de praatplaatsen zijn tenminste nog goed gevuld. Het kan erger. Het Algemeen Dagblad en de Telegraaf hebben onlangs (zomer 2002, red.) het forum gesloten wegens onfatsoenlijk taalgebruik. De NOS, het Parool en Nu.nl hebben geen enkele interactiemogelijkheid behalve een algemeen redactie e-mailadres, en van de overige grote nieuwssites stelt het forum doorgaans inhoudelijk weinig voor. Zelfs op de site van discussieprogramma Buitenhof is geen discussie te vinden. Werkelijke interactiviteit blijft in de Nederlandse internetjournalistiek meestal slechts een belofte.
Interactiviteit als luxeartikel
Dat euvel kent door meerdere oorzaken: allereerst is bezoekersparticipatie in een dergelijke directe vorm voor de journalistiek een tamelijk nieuw concept. Onwennigheid met nieuwe ethische regels (bijvoorbeeld, hoe ga ik om met anonieme inzenders of onfatsoenlijk taalgebruik?), nieuwe techniek en de daarbij horende nieuwe journalistieke taken zorgen voor vertraging. Belangrijker is dat de waarde van een inhoudelijk reagerende lezer of kijker stelselmatig wordt onderschat. Ingezonden reacties op het net en een goed gevuld internetforum worden door velen nog als een grappige bijkomstigheid beschouwd. Daardoor voelen nieuwsconsumenten zich door de media niet serieus genomen en zullen zij ook weigeren zich uit te sloven voor de kwaliteit die de redactie wenst.
Een concreet voorbeeld: In de Volkskrant van 28 september staat de vermeende spanning tussen de islam en de vrijheid van meningsuiting volop in de belangstelling. Op de papieren forumpagina het volgende kadertje: "www.volkskrant.nl/forum: Xaviera Reynhout roept de moslims in Nederland op te laten zien dat de islam ook gematigd kan zijn. Er wordt massaal gereageerd."
Reacties van wie en welke kant gaat de discussie op? Als de reacties op een oproep zo massaal zijn, waarom dan geen verslag ervan in de papieren krant? Of de hoofdpagina van de site? Is een stevige discussie van goed geïnformeerde Volkskrantlezers niet iets waar de krant of de site trots op is? Waarom worden we lastig gevallen met de meningen van de zoveelste deskundige, columnist of journalist, als de lezers zelf even goed argumenteren? Het dédain en de angst voor de nieuwsconsument zorgen ervoor dat er überhaupt onhandig wordt geopereerd. Links naar andere relevante sites (sic!) en naar directe bronnen halen anno 2002 vrijwel nooit de sites, zeker niet die van de traditionele media. Niemand lijkt zich daarover te verbazen. Schrijvers van artikelen of columns plaatsen hun e-mailadressen niet. Ingezonden stukken worden zelden 'afgedrukt', terwijl het internet toch niet bekend staat om zijn ruimtegebrek. En dan zijn redacties nog oprecht verbaasd als hen wordt verweten niet te weten wat er leeft in samenleving.
Vaart.nl
Vaart.nl is een nieuwssite annex internetgemeenschap waarin de professionele vaart het onderwerp is. De site bestaat sinds 1996. Zo'n 700 schippers en geïnteresseerden surfen dagelijks naar de hoofdpagina van de site, waar hen dagelijks nieuws over de vaart wordt gepresenteerd. De site bestaat verder voornamelijk uit discussielijsten (forums), en zelfs een door bezoekers gemaakte e-zine (internetmagazine) over het gezinsleven op de vaart. Daardoor is de site met 15% bereik algemeen marktleider onder schippers.
Actieve bezoeker in de praktijk
Bezoekersparticipatie en journalistiek worden pas een gelukkige combinatie als men verder surft naar de kleinere, niet-traditionele sites op het net. Hier durven journalisten wel in de 'modder af te dalen'. En met succes. Sites met internetnieuws (Planet Multimedia, Webwereld en vooral Emerce) weten vaak artikelen met kwalitatief hoogstaande reacties te verrijken. Maar ook relatief onbekende nieuwssites als Vaart.nl, een site voor de Nederlandse vaart, zou er zonder de bijdragen van de doelgroep heel anders uit zien. Oprichter en webredacteur Dirk van der Meulen: "Zonder werkelijke interactie is een site nogal doods. Ik zou ook niet weten waarom je de mogelijkheden die participatie biedt zou willen laten liggen."
Men zou kunnen tegenwerpen dat de kleinschaligheid van een site en de afbakening van de onderwerpen (internetnieuws, vaartnieuws, nieuws voor alleenstaande ouders) automatisch bevorderend werken op de participatie. Voor grote algemene nieuwssites zou het daarom moeilijker kunnen zijn om kwalitatief hoogstaande interactie met bezoekers op te bouwen. Helemaal waar. Maar het is constructiever dit argument om te draaien. Als er sprake is van sfeer, een soepele organisatie, van een invalshoek en een kortere lijn naar de bezoeker kan het tweerichtingsverkeer waardevolle resultaten opleveren.
Door iemand serieus genomen worden
Dat betekent allereerst, dat nieuwsmedia ook op internet hun kaarten op tafel moeten leggen en zeggen wie ze zijn. Of willen zijn. Niet slechts de grauwe grabbelton van eindeloze feiten, maar een sfeervol venster op de wereld. Van der Meulen geeft aan dat de site zelf verantwoordelijk is voor de kwaliteit van de interactie: "als je wil dat mensen hun luiheid en schuchterheid overwinnen, moet de site een eigenheid hebben. Dan houden mensen niet van klinische systemen." Met andere woorden, als mensen iets zeggen, willen ze tegen iemand praten, niet tegen iets. Het volle Planet Internet forum is daarvan een goed voorbeeld.
Nog belangrijker, de lezer/bezoeker moet werkelijk serieus genomen worden. De tijd dat mensen gedwee op de bank van journalisten vernamen hoe de wereld in elkaar steekt is echt voorbij. Mondigheid betekent dat mensen overtuigd terugpraten en verwachten dat je luistert. Mailtjes aan de redactie moeten worden beantwoord en ingezonden brieven op internet zoveel mogelijk geplaatst. En meer dan dat. Een prominente inhoudelijke plaats op de hoofdpagina van de site (in de vorm van samenvattingen of quotes) moet de werkelijke interesse in de Nederlander uitdrukken. Van der Meulen: "Je moet op internet wel verdomd goede redenen hebben om een ingezonden stuk te weigeren. Sterker nog, als ik de keuze heb tussen het plaatsen van een commentaar van een journalist en een ingezonden stuk van nagenoeg dezelfde kwaliteit moet het logisch zijn altijd voor het laatste te kiezen." Tenslotte kan het geen kwaad een reëel beeld te hebben van wat je vervolgens kan verwachten. Mensen zijn van nature lui en een beetje schuchter (hoe vaak heb je zelf een ingezonden brief geschreven?) en het zijn geen journalisten. Van der Meulen: "Nieuws kan een prachtige katalysator zijn voor een discussie, maar mensen denken meestal niet in termen van nieuwswaarde. Het eigen bestaan is het uitgangspunt".
Handigheidjes helpen
Pas als aan die voorwaarden voor een diepgaande bezoekersparticipatie is voldaan, wordt het een kwestie van praktische handigheidjes. De nuances zijn voor elk specifiek medium verschillend. Maar altijd draait het om gedisciplineerd keuzes maken in het spanningsveld van het aanzwengelen van discussies en het controleren van de kwaliteit ervan. Vermijd algemene forumonderdelen (dus niet: "Reageer in het forum "Mens en Maatschappij") maar focus op de items die op dat moment in het land of vakgebied leven. Behandel veel en goed reagerende bezoekers als boegbeeldje en geef hen bijvoorbeeld een eigen paginaatje op de site, met foto. Vraag bij een tekort schietend ingezonden stukje om wat meer uitvoerige argumenten; schrijvers zullen je interesse waarderen. Nodig een deskundige uit om een bepaalde termijn mee te discussiëren. Stuur periodiek een mailtje met forumdiscussies naar geïnteresseerden. Maar ook: reken erop dat er altijd een bepaald percentage discussiehooligans op een forum af komt en wees daarmee niet te coulant. Zorg dat een gespreksleider wordt aangewezen, en dat die ook daadwerkelijk technische machtsmiddelen heeft. En mocht het dan nog uit de hand lopen, dan kun je de bijdragen eerst langs het oog van die moderator laten gaan voordat ze de site bereiken. En tenslotte, voor de journalisten van de traditionele media, ben eens bescheiden. Kijk eens over de schutting heen naar de kleine buurman of buurvrouw en vraag hoe die zijn zaakjes op orde houdt.
Wat levert het op?
Bezoekersparticipatie kost tijd, mankracht en geld. Voor het werkelijk luisteren naar je doelgroep is bovendien discipline en niet-geveinsde interesse nodig. Maar het levert ook behoorlijk wat op. Het verwijt dat de media ook niet meer weten wat er zich in de straten afspeelt, wordt beantwoord. Het levert rijkere en betere journalistiek op. Bovendien, de nieuwssite wordt minder inwisselbaar met de andere sites en de bezoekers automatisch trouwer. Niet onhandig in een tijd waarin de wanhopige zoektocht naar een betalende internetter een hoofdrol speelt.
Reactie Volkskrant
Henk Blanken/Bas Broekhuizen
"Wij zijn heel tevreden over de kwaliteit en de kwantiteit van ons forum. Forum Online sluit aan bij onze visie dat op internet "de lezers de krant zijn", dat met andere woorden interactie een "must" is. Ook de kwaliteit van de bijdragen is heel behoorlijk; het gevolg van enkele jaren tamelijk zorgvuldig redigeren. Zelfs ogenschijnlijk simpele afspraken - zet witregels tussen alinea's - worden steeds beter nageleefd. Samenvattingen van discussies plaatsen we zo nu en dan in de krant. Vooral als lezers meteen beginnen te reageren en dat zelf nieuwswaardig is (denk aan 11 september). Op de site staat permanent een eerste quote uit de laatst geposte bijdrage. Misschien niet ideaal, maar lezers reageren er op. We zouden graag meer doen, maar de middelen zijn beperkt. Ingezonden brieven voor de krant horen overigens niet op de site thuis: krant en internetsite vallen niet samen. Wel kiezen we soms bijdragen aan Forum of het katern Reflex als startpunt voor een online discussie."
