Onderzoek Journalistiek & Internet
Nieuwe uitgeefvormen
"Dat is toch geen journalistiek?"
De nieuwe redactionele vormen op internet zijn door de traditionele journalistiek vaak sceptisch benaderd. Homepages, nieuwssites, e-zines; allemaal hebben ze kritische reacties van journalisten opgewekt. Maar de weblog moet het de laatste tijd wel echt verduren. Is dat slechts het gevolg van de groeiende populariteit van de weblog? Van het medium internet? En kun je wel kritiek hebben op een uitgeefvorm? "Op een weblog schrijf je wat je wil. Dat is geen journalistiek", zegt columnist Dominique Deckmyn in de Belgische Standaard van 5 juli 2004. "Een blogger is een flapuit. Die losse cultuur strookt niet met de werkwijze van de professionele journalist." Vergelijkbare aantekeningen maakte collega-columnist Martin Sommer in de Volkskrant vier dagen eerder: "Één ding is zeker, last van journalistieke zeden heeft Niek [auteur van weblog Hagazine; red.] niet. (...) Dinsdag stapte hij als bezwaarmaker-belanghebbende het Haagse stadhuis binnen, om er vervolgens vrolijk verslag van te doen op zijn eigen site. Checken doet hij niet. Feiten en commentaar scheiden, nooit van gehoord. En ja, hij is oppervlakkig." De kritiek op het populaire internetverschijnsel weblog zwelt aan, met name vanuit de kant van de traditionele journalistiek. Er zijn in het verleden vergelijkbare opmerkingen gemaakt over het e-zine - digitaal tijdschrift - en zelfs over de internetjournalistiek in het algemeen (zie het artikel over betrouwbaarheid). Maar de weblog krijgt het de laatste tijd wel bijzonder zwaar te verduren.
Kritiek vaak slordig geformuleerd
De internetjournalistiek kan op den duur alleen maar profiteren van een afstandelijke analyse. Maar de kritiek is vaak bijzonder slordig en weinig puntig geformuleerd. Immers wat proberen de heren columnisten nu eigenlijk te beweren? Dat de weblog als journalistieke vorm überhaupt niet deugt? Dat het webloggen per definitie niet beantwoordt aan de wezenlijke journalistieke mores? Journalistiek is voorbehouden aan betaalde professionals? Of vinden ze dat er weinig tot geen journalistieke weblogs of webloggers zijn? De vraag of weblogs journalistieke media kunnen zijn, hangt direct af van de vergelijking van twee definities: wat is journalistiek en wat is een weblog? Beide begripsbepalingen zijn uitermate lastig. Om met de laatste te beginnen, weblogs zijn er in alle soorten en maten. Betaalde professionals (Volkskrant weblog) en niet-professionals (Aboutblank.nl) produceren in Nederland vele categorieën: biografische (Merelroze.com), specialistische (internetjournalist.nl) en duidende (Sargasso.nl) weblogs staan tussen de logs die bestaan uit foto's (Moblog.nl), observaties (Bieslog), links (Esc), commentaar op het nieuws (Tonie.net +), wetenswaardigheden uit het eigen sociale leven (10e.nl) en andere ondeugendheden (Retecool.com). Tel daarbij op dat weblogs al of niet commentaar kunnen bevatten van bezoekers, het van een organisatie of persoon kan komen en er zelfs steeds meer weblogs verschijnen waaraan meerdere internetters werken, dan houd je voor de begripsbepaling niet veel ingrediënten meer over.
Dat er regelmatig op datum gerangschikte items verschijnen lijkt inmiddels nog de enige overeenkomst tussen alle Nederlandse weblogs. De weblog is dus een simpel ordeningsprincipe, een vorm waarin al of niet journalistieke items aan de lezer worden voorgelegd. Niet meer en niet minder. Hetzelfde geldt ook voor het e-zine (ordeningsprincipe: editie met deadline, meestal per mail opgestuurd) en de nieuwssite (ordeningsprincipe: deadlineloos, meestal kort nieuws in databasestructuur). Het zijn overigens geen vormen die elkaar uitsluiten; in de praktijk worden ze constant door elkaar gebruikt.
Inhoudelijk kan zo'n journalistieke vorm alles bevatten en je begeeft je dus bij voorbaat op glad ijs als je iets van de gehele groep wil beweren. Immers, welke eisen je er ook aan stelt, er is gemakkelijk een weblog voor te stellen waarin die voorwaarden soepel worden ingevuld. Als Henk Hofland ten tijde van de Amerikaanse verkiezingen een dagelijkse weblog over dat onderwerp bij zou houden, ondersteund door een fotograaf ter plekke, dan is het toch moeilijk vol te houden dat zoiets geen journalistiek zou zijn; wat je daaronder ook verstaat.
Kritiek op de weblog als journalistiek medium op zich, is dus een absurdum. Het zegt simpelweg niets. Een algemene kreet als "op een weblog schrijf je wat je wil. Dat is geen journalistiek." van Demeyn kan daarmee direct in de prullenbak van het populisme verdwijnen. Tenzij je preciseert wat je bedoelt.
Weinig journalistieke hoogstandjes
Een iets andere waardering moet worden gehecht aan kritiek op de bestaande webloggemeenschap. Als je er van uitgaat dat journalistiek in georganiseerd verband het beste gedijt, ondersteund door journalistiek-ethische principes (hoor-en-wederhoor, dubbelchecken, auteursrecht) en professionals, dan zal opkomst van de weblog zorgen baren. Immers, het aantal journalistiek relevante weblogs is relatief zeer laag, de journalistieke mores worden er zelden gevolgd en de professionaliteit is er meestal ver te zoeken.
Aan de ene kant is dat totaal irrelevant. Uiteraard is het teleurstellend dat de Nederlandse webloggemeenschap zo weinig journalistieke hoogstandjes oplevert, maar misschien is gezien het gebrek aan geld en organisatie ook niet anders te verwachten. Maar van 99% procent van de weblogs kan men echt niet beweren dat ze ook maar enige journalistieke of nieuwswaardige pretentie bezitten. De dood van de kanarie, het leuke linkje met het grappige filmpje, foto's van het middagje met vrienden, de melige commentaren van bezoekers; het zijn de hoofditems op de meeste logs. En daar is niets mis mee. Soms is voor een individu een gesprekje met de buren belangrijker dan de inval in Afghanistan. Het triviale en het banale maken een groot deel uit het van het dagelijkse leven. Journalisten die tegen de tekening van de 'kleine' gebeurtenis bezwaar maken, onderschatten hun eigen angst voor de constatering dat het werkelijke leven vaak verbijsterend gewoon is. En niet groots en meeslepend. Veel weblogs schetsen datgene dat aan journalisten in functie voorbijgaat of als irrelevant terzijde wordt geschoven. Dat nieuwe aandachtsveld spreekt je aan of niet. Maar dat mag en kan niet worden verward met algemene journalistiek. De journalist die beweert dat de mediaconsument het verschil niet ziet, lijdt aan een ernstige onderschatting van zijn publiek.
Toch, er schuilt wel degelijk een gevaar in de alsmaar groeiende populariteit van niet-journalistieke weblogs. Een nieuwsconsument heeft nu eenmaal maar een beperkte lees- en kijktijd, en getuige de steeds maar afkalvende oplagecijfers van de kranten, worden die uren steeds minder met traditionele journalistiek gevuld. Een voorbeeld: was het aantal uren dat de groep tussen 20 en 34 jaar in 1975 aan een krant besteedde nog 2,9 uur per week, inmiddels is dat teruggelopen naar 0,6 uur; een onvervalst alarmcijfer (bron: Persmediamonitor.nl). Uiteraard zegt zo'n getal niets over de vraag of mensen nu in plaats van kranten weblogs gaan lezen. Maar tegen de achtergrond van die paniek is de kritiek op de weblog wel te begrijpen.
Journalisten zetten zichzelf buitenspel
Er zijn bijzonder weinig onafhankelijke webloggers die zich bewust zijn van de valkuilen van de journalistiek en daarnaarhandelen. Zo ontstaat, als journalisten te lang over het medium internet blijven aarzelen, het gevaar dat de journalistiek buiten spel komt te staan. Niet alleen surft de nieuwsconsument in dat geval meer dan ooit naar onbetrouwbare bronnen, maar journalisten raken een schakelfunctie kwijt in de driehoek van publiek, overheid en bedrijfsleven. Uit de Volkskrantcolumn van Sommer valt de angst eenvoudig op te lepelen: "Tegenwoordig zaagt de zelfhulpjournalist aan de regionale stoelpoot van de journalistieke prestige. Aan de politieke poot zaagt Minister Donner mee, die vindt dat zijn Kamerrede eigenlijk integraal op de voorpagina had moeten staan, in plaats van 'wat de journalist ervan vindt'." Het is nu al een gegeven dat een deel van het publiek niet meer via het venster van de journalistiek naar politici kijkt, maar direct naar hun weblog surft (zie bijvoorbeeld de weblog van Jan Marijnissen).
Kun je niet-professionals verwijten dat ze geen professionals zijn? Nee, uiteraard niet. Kun je de grote groep webloggers verwijten dat ze geen journalistieke pretenties of normen hebben? Nee, natuurlijk niet. In feite slaan de begrijpelijke maar wilde angstkreten over de teloorgang van de journalistiek slechts terug op de traditionele journalistiek zelf. Immers, als je ervan overtuigd bent dat journalistiek een 'vak', een 'ambacht' is, dat webloggers niet beheersen en zelfs niet willen beheersen, waarom begin je als journalist dan zelf geen weblog? Als je zo bang bent dat 'het onbetrouwbare medium internet die mooie afgewogen journalistiek overspoelt', waarom breng je dan zelf geen licht in de duisternis? Fatsoenlijke journalistiek kan slechts voortkomen uit een organisatie, zo vinden vele journalisten. Maar waarom hebben de kranten dan zelf nauwelijks loggende sterreporters online?
KADER
Sargasso.nl is een weblog, die door 7 vrijwilligers (waaronder 3 buitenlandse 'correspondenten') wordt gedragen. De weblog is getuige het colofon bedoeld voor het nieuws dat door de mainstream media terzijde is geschoven. Bezoekers: Ongeveer 1000 bezoekers per dag. Het doel: op niet-commerciële wijze de discussie te openen.
Mede-oprichter Carlos vindt dat er wel degelijk een journalistieke pretentie aanwezig is: "Er is misschien wel een journalistieke pretentie, al klinkt het wel meteen erg gefokt voor een hobby. Ik heb wel graag dat de Sargasso-loggers niet 'zomaar wat schrijven'. Ikzelf kijk altijd goed naar m'n bronnen en als ik twijfel aan de juistheid of objectiviteit van een bron dan vermeld ik dat. Verder probeer ik zo helder mogelijk te formuleren en pas ik regels en tips die ik leerde op twee cursussen wetenschappelijke journalistiek/schrijven toe op mijn postjes."
Retecool.com, een weblog met zo'n 12000 bezoekers per dag, zou men kunnen omschrijven als een rebelse shocklog. De actualiteit speelt een belangrijke rol, maar ook het sensationele en het shockerende. Er zijn advertentiemogelijkheden op de site, maar daarmee wordt weinig gedaan. De site wordt voornamelijk bijgehouden door 4 loggers. Oprichter Hubert Roth vindt dat de klassieke journalistieke verminderd op Retecool.com van toepassing zijn: "In mijn ogen is Retecool nog steeds een weblog, iets wat er voor de lol bij wordt gedaan door een aantal mensen. Hoor- en wederhoor past meer bij professionele site waar een aantal mensen full time mee bezig zijn. Een weblog als Retecool bestaat uit korte snelle stukjes tekst met een beschrijving van een link en soms wat actuele informatie, meestal niet meer dan dat. De enige posts waar wellicht hoor-en wederhoor bij toegepast zou kunnen worden zijn de masterblaster posts, waar spammers worden aangepakt."
