Wat als het Wob-verzoek wordt afgewezen?

Als het Wob-verzoek wordt afgewezen, hoef je je daar niet bij neer te leggen en kun je bezwaar maken. Het inschakelen van een advocaat is bij een Wob-procedure niet verplicht. De Algemene wet bestuursrecht (Awb) die van toepassing is op de verhouding tussen burgers en overheid, geeft de regels en termijnen. Je moet allereerst binnen zes weken bezwaar maken bij het orgaan dat de gevraagde informatie niet wil geven.

Het bezwaar moet met argumenten zijn onderbouwd: waarom vind je het onjuist dat de overheid je verzoek om informatie niet heeft gehonoreerd? De overheid heeft vervolgens vier weken de tijd om te reageren, maar kan deze termijn verlengen, bijvoorbeeld als het gaat om veel informatie. Wordt het bezwaar toegewezen, dan zal het overheidsorgaan het oorspronkelijke besluit moeten heroverwegen en vervolgens een nieuwe beslissing nemen.

Als het bezwaar wordt afgewezen, dan kun je ook nog bij de rechter in beroep gaan. Die beslist of het besluit van het bestuursorgaan (in de bezwaarschriftprocedure) rechtmatig is gegeven en de gevraagde informatie al dan niet terecht niet is verstrekt. Als de rechter je in het ongelijk stelt en je wilt je daarbij niet neerleggen, dan staat er nog hoger beroep open. Dat moet dan worden ingesteld bij de hoogste algemene bestuursrechter van Nederland, de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (ABRvS).